Spreekbeurt en werkstuk

Een werkstuk of spreekbeurt maken is niet niks. Daarom kun je extra steun vinden in het onderstaande stappenplan. Lees dit goed door.

 

STAP 1: het kiezen van een onderwerp

Voor je een werkstuk maakt moet je natuurlijk een onderwerp kiezen. Als je een verplicht onderwerp hebt opgekregen, dan kun je deze stap natuurlijk overslaan! Het beste kun je een onderwerp kiezen dat je zelf interessant vindt en waar genoeg informatie over te vinden is. In het voorbeeld hier gebruiken we het onderwerp: de hond.

 

 STAP 2: wat wil je van het onderwerp weten

Voor je gaat beginnen met zoeken naar informatie moet je eerst bedenken wat je allemaal van het onderwerp wilt weten. In het geval van de hond wil je waarschijnlijk weten wat voor soort honden er allemaal zijn, hoe je een hond moet verzorgen, hoe je honden kunt trainenensinds wanneer honden eigenlijk huisdieren zijn. Door dit van te voren te bedenken kun je straks gericht naar informatie zoeken en vind je geen informatie over bijvoorbeeld alle ziektes die bij honden kunnen voorkomen of over de functies van de organen van de honden.

 

STAP3: Maak hoofdstukjes en schrijf de inleiding

Door alvast hoofdstukjes te maken kun je straks de informatie die je vindt beter onderverdelen zodat je werkstuk overzichtelijk blijft. Ook kun je alvast een logische volgorde aanbrengen. Kijk goed naar je opdracht of je niet een minimum aantal hoofdstukken moet schrijven. In het geval van het werkstuk over de honden zou dat zijn.

Inhoud Inleiding Hoofdstuk 1: Sinds wanneer zijn honden huisdieren Hoofdstuk 2: Wat voor soort honden bestaan er allemaal Hoofdstuk 3: Hoe moet je voor een hond zorgen Hoofdstuk 4: Hoe kun je een hond trainen Hoofdstuk 5: Mijn hond Nawoord In de inleiding schrijf je waarom je voor dit onderwerp gekozen hebt en waarom je voor deze hoofdstukjes gekozen hebt.

 

STAP 4: Zoek de informatie op

Nu je weet naar welke informatie je moet zoeken, kun je gericht zoeken naar de juiste informatie. Dit kun je doen in boeken, maar ook op internet. Bij het zoeken van informatie is het belangrijk dat je erop let of het wel betrouwbare informatie is. Iedereen kan immers zomaar iets schrijven op internet, maar dat maakt de informatie nog niet altijd juist. Een van de dingen waaraan je kunt zien of informatie waarschijnlijk juist is, is door te kijken naar wie het heeft geschreven en door te kijken naar de bronvermelding van de website. Ook in bibliotheken kunnen ze je vaak vertellen welke bronnen betrouwbaar zijn en welke niet en je juf of meester kan je daarbij ook helpen.

 

STAP 5: Schrijf de informatie in je eigen woorden op en zoek er mooie plaatjes bij

De informatie die je gevonden hebt vertel je in je eigen woorden in de juiste hoofdstukken. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat je de tekst gewoon van het internet kopieert. Jouw juf of meester kan heel goed zien of jij de stukken echt zelf geschreven hebt. Informatie in de hoofdstukjes kun je weer onderverdelen in tussenkopjes om het overzichtelijk te houden.

STAP 6: Maak een bronvermelding

In een bronvermelding meldt je waar je je informatie vandaan hebt. Bij een boek schrijf je de titel van het boek op, de schrijver, de uitgever en als je die kunt vinden het ISBN-nummer. Eventueel kun je de pagina's opschrijven die je gebruikt hebt. Van een internetsite geef je het adres dat bovenin het scherm staat in het geval van deze site dus: http://www.josephkpo.nl/index.php?page=231&section=17

 

STAP 7: Schrijf een nawoord

In het nawoord schrijf je wat je allemaal geleerd hebt van het werkstuk of hoe het je is bevallen om dit werkstuk te maken. Je kunt bijvoorbeeld schrijven dat het maken van het werkstuk je is meegevallen (of natuurlijk ontzettend tegengevallen). En je kunt opschrijven wat je ervan geleerd hebt.

 

STAP 8: Maak een inhoudsopgave en een voorpagina

Wanneer je helemaal klaar bent met schrijven kun je paginanummers onder je werkstuk zetten. Daarna kun je een inhoudsopgave maken met de juiste paginanummers erbij. Een voorpagina is het visitekaarje van je werkstuk. Hierop staat in ieder geval het onderwerp, je naam, de datum en je klas.

 

STAP 9: Lees alles nog een keer door

Eigenlijk is het werkstuk nu af. Lees het nog een keer door om te kijken of er geen spel- of tikfouten in staan. Laat het ook andere mensen lezen, misschien zien zij nog fouten. Als je zeker weet dat alles helemaal goed is kun je het werkstuk inleveren.

 

Voor een spreekbeurt geldt hetzelfde stappenplan. Hier kun je stap 8 overslaan. In plaats hiervan mag je proberen een Powerpointpresentatie te maken ter ondersteuning van je spreekbeurt. In groep 8 is dat verlpicht. Bij een spreekbeurt heb je alleen een blaadje met steekwoorden voor je. Om een spreekbeurt nog leuker te maken, kun je ook spullen meenemen die bepaalde zaken kunnen verduidelijken.

 

SUCCES!